// Valheim

Valheim dedicated server: de complete gids

Valheim dedicated server: de complete gids

Valheim speel je op z'n best met een vaste groep: samen een langhuis optrekken, samen het moeras in voor ijzer, samen roemloos ten onder gaan tegen de eerste boss. Maar zodra degene die de wereld host offline gaat, ligt alles stil. Een dedicated server lost dat op: de wereld draait dag en nacht door, iedereen logt in wanneer het uitkomt en niemand hoeft z'n eigen pc als host op te offeren.

Wat een eigen server wél en niet oplost

Eerst even eerlijk. Speel je met z'n tweeën en zijn jullie toch altijd tegelijk online, dan is de ingebouwde co-op via een Steam-uitnodiging prima — en gratis. Een dedicated server wordt pas echt interessant met drie of meer spelers die op verschillende momenten inloggen, of als je een wereld wil die maanden meegaat zonder discussie over wiens savegame nou leidend is.

Wat een server níet oplost: haperende fps op je eigen scherm. Zakt je framerate in zodra je je megabase nadert, dan komt dat vrijwel altijd door het aantal objecten dat jouw pc moet renderen. Een zwaarder serverpakket verandert daar niets aan. Goed om te weten voordat je voor niets upgradet — verderop staan tips die wél helpen.

Wereld aanmaken of je co-opwereld importeren

Een verse wereld is zo gebeurd: servernaam kiezen, wereldnaam kiezen, wachtwoord instellen en starten. De server genereert zelf een willekeurige seed en de wereld vult zich vanzelf naarmate jullie verder verkennen. Wil je per se een specifieke seed, dan is de makkelijkste route: maak de wereld eerst lokaal aan in de game en importeer die daarna op de server.

Interessanter is het importeren van een bestaande wereld. Valheim bewaart elke wereld als twee bestanden: een .db-bestand met de wereld zelf en een .fwl-bestand met de metadata. Op je eigen pc vind je ze (op Windows) in AppData\LocalLow\IronGate\Valheim\worlds_local. Upload beide bestanden naar de wereldenmap van je server en zet de wereldnaam in de serverinstellingen exact gelijk aan de bestandsnaam, hoofdletters meegerekend. Klopt de naam niet precies, dan maakt de server doodleuk een gloednieuwe wereld aan met die naam — en staat je groep ineens op een leeg strand.

Twee valkuilen om te onthouden: zet de server uit voordat je uploadt (anders schrijft de automatische save dwars door je import heen) en kopieer altijd beide bestanden. Een .db zonder bijbehorende .fwl werkt niet.

Wachtwoord, poorten en bereikbaarheid

Valheim stelt eisen aan je serverwachtwoord: minimaal vijf tekens, en het mag niet in de servernaam voorkomen. Kies iets wat je groep makkelijk onthoudt maar buitenstaanders niet raden — je wil geen willekeurige passanten die je bijenkasten slopen of je portaalhub herinrichten.

De server draait standaard op UDP-poorten 2456 en 2457. Bij een gehoste server staan die al open en krijg je simpelweg een adres met poort dat je aan je vrienden doorgeeft. Het geklooi met port forwarding op je thuisrouter — voor veel mensen dé reden om na één avond zelf hosten af te haken — besteed je daarmee volledig uit. Joinen kan via de serverbrowser in de game, of sneller: het adres direct toevoegen aan de serverlijst in Steam.

Dan is er nog crossplay. Handig als iemand in je groep op Xbox of via Game Pass speelt, maar de verbinding loopt dan via een andere backend en veel beheerders ervaren die als minder stabiel dan puur Steam. Vuistregel: geen console-spelers in de groep? Laat crossplay uit.

Mods draaien met BepInEx

BepInEx is de standaard modloader voor Valheim; vrijwel elke serieuze mod bouwt erop voort. Op de server installeer je de BepInEx-pack voor Valheim, waarna mods als .dll-bestanden in de plugins-map gaan en hun instellingen als losse configbestanden verschijnen. Die configs wil je meestal even doorlopen: veel mods staan standaard agressiever afgesteld dan je denkt.

Het belangrijkste om te snappen is het verschil tussen server-side en client-side mods. Puur visuele aanpassingen draaien vaak alleen bij de speler zelf, maar mods die gameplay raken — nieuwe items, andere spawns, aangepaste crafting — moeten meestal op de server én bij álle spelers staan, in dezelfde versie. Eén afwijkende versie en iemand kan niet joinen, of ziet iets anders dan de rest. Spreek daarom één vaste modlijst af en laat spelers een modmanager gebruiken, dan blijft iedereen synchroon.

  • Begin met twee of drie mods en breid pas uit als alles stabiel draait.
  • Maak een backup van je wereld vóór je een nieuwe mod toevoegt of verwijdert.
  • Wacht na een Valheim-update met het updaten van je server tot je belangrijkste mods bijgewerkt zijn.

Dat laatste is meteen het eerlijke nadeel van modden: elke game-update kan je modlijst tijdelijk slopen. Reken erop dat je een paar keer per jaar een avond kwijt bent aan bijwerken en testen. Vind je dat gedoe niet waard, dan is vanilla Valheim ook gewoon honderden uren goed.

Backups en prestaties bij grote bouwwerken

Je wereld bestaat uit die twee bestanden, dus backuppen is simpel: download ze regelmatig, en sowieso vóór elke modwijziging of game-update. De server slaat zelf periodiek automatisch op, maar dat beschermt je niet tegen een corrupte save of een mod die je wereld verbouwt — een externe kopie van gisteren wél. Bewaar bovendien meerdere versies naast elkaar: een probleem dat pas na een week opvalt, red je niet met alleen de backup van vannacht.

Dan de prestaties. Elk bouwdeel, elk hek en elke fakkel is een object dat de server bijhoudt en naar spelers in de buurt stuurt. Een megabase van tienduizenden onderdelen betekent dus serieus werk zodra iemand er rondloopt. Bovendien leunt de wereldsimulatie zwaar op één processorkern, waardoor snelheid per kern belangrijker is dan het aantal kernen. Wat je zelf kunt doen:

  • Bouw compact en ruim gesloopte of halfaffe structuren op; alles wat blijft staan, telt mee.
  • Beperk het aantal brandende fakkels en haarden — rook wordt echt gesimuleerd en tikt aan.
  • Wees zuinig met extreem terraformen; grootschalig graven en ophogen maakt een gebied blijvend zwaarder.
  • Spelers verspreid over de hele kaart betekent meerdere actieve zones tegelijk, en dus meer werk voor de server.

En nogmaals: draait de server soepel maar zakt alleen jouw framerate in bij de basis, dan zit het probleem in het renderen aan jouw kant. Lagere grafische instellingen of simpelweg minder fakkels helpen dan meer dan welk serverpakket ook.

Welk pakket past bij jouw groep?

Valheim vraagt geen monsterhardware, maar geheugen en snelheid per kern gaan tellen zodra je met meer mensen speelt of mods draait. Een eerlijke indicatie:

PakketPrijs per maandVoor wie
Amateur€ 3,00Duo dat af en toe speelt, vanilla
Beginner€ 6,00Klein groepje, vanilla
Traveller€ 9,00Vier tot zes spelers of lichte mods
Explorer€ 12,00Grotere modlijsten en serieuze bouwers
Veteran€ 21,00Volle servers met zware mods

Daartussen en daarboven zitten nog Researcher (€ 15,00), Maintainer (€ 18,00) en Chief (€ 24,00). Twijfel je, begin dan klein: alles is maandelijks opzegbaar, dus je zit nergens aan vast. Bekijk de pakketten in de Valheim-webshop van MC-Node. Je server draait op eigen hardware met NVMe-opslag in het Previder-datacenter in Hengelo, inclusief DDoS-bescherming — sinds 2019 brachten we zo ruim 10.000 servers online.

// ZELF PROBEREN
Je Valheim-server binnen 60 seconden online
Bekijk de pakketten →